Alles over het gedrag van primaten

Het gedrag van primaten is zeer complex en varieert afhankelijk van de soort. Als je net begint in de primatologie, staan hier enkele algemeenheden tot je beschikking.
Alles over het gedrag van primaten

Laatste update: 08 september, 2021

Primaten zijn een enorme orde van placentale zoogdieren die momenteel zijn onderverdeeld in 2 subgroepen: strepsirrhini (halfapen) en haplorhini (apen en spookdieren). Daarom is het moeilijk om het gedrag van primaten in één artikel samen te brengen. Dat komt omdat elk van de meer dan 200 soorten in deze groep complex en uniek gedrag vertoont.

Wat alle primaten echter gemeen hebben, is dat ze 5 vingers en tenen hebben, plantigrade (zoolgangers) zijn en opponeerbare duimen hebben. Hun ledematen zijn aangepast om te springen. Daarnaast hebben ze het vermogen om met hun armen van boom naar boom te gaan, brachiatie genoemd. Op basis van deze kenmerken kan men een reeks gedragingen van primaten generaliseren.

Het sociale gedrag van primaten

Het gedrag van de meeste soorten primaten is kuddegedrag. Om deze reden zijn er gemeenschappelijke sociale patronen in hun gedrag, zoals verzorging, samenwerking, het opzetten van hiërarchieën en aansluiting.

De voordelen van sociale netwerken binnen de groepen van deze zoogdieren zijn gebaseerd op drie pijlers. De eerste is het verdedigen van het territorium. De tweede pijler is het vermogen om te reageren op roofdieren. De laatste pijler is het optimaliseren van het zoeken naar hulpbronnen. Interne concurrentie is echter soms een groot nadeel voor individuen lager in de hiërarchie.

Sociale wezens zijn zoals ze zijn, omdat deze strategie op evolutionair niveau de duurzaamheid van de soort bevordert.

Affectieve banden

Het sociale karakter van primaten, samen met hun grote cognitieve vermogen, creëert een complex netwerk van interacties binnen groepen. Hoewel de configuratie van de hiërarchieën meestal patriarchaal is, hebben vrouwen hun eigen organisatiesysteem.  Dit verstrengelt zich met dat van de mannetjes en plaatst ze soms boven sommige van hen. Er zijn hier echter wel uitzonderingen op.

Mannetjes uit patriarchale groepen zorgen meestal voor de verdediging van de groep, maar bij matriarchale soorten speelt het dominante vrouwtje een rol van gids en referentie.

Over het algemeen heeft elk lid van de groep een rol afhankelijk van geslacht, leeftijd en rang. Aansluiting en samenwerking worden begunstigd door familierelaties. Op deze manier is de kans groter dat verwante dieren samenwerken. Ook vertonen ze bepaald gedrag zoals fysieke nabijheid, verzorging of het delen van middelen.

De vier vragen van Tinbergen helpen ons dierengedrag te ontrafelen

Territorialiteit in het gedrag van primaten

Territorialiteit ziet men niet alleen tussen gemeenschappen van primaten en andere dieren, maar ook binnen de groep. Het gedrag op de naderingsafstand heeft meestal te maken met de conflicten die ontstaan door de nabijheid van de exemplaren bij het kiezen van de beste plaatsen om te nestelen, rusten of voeden.

Concurrentie en agressiviteit

Wanneer de individuen van een groep primaten dezelfde doelen hebben maar de groep deze niet voor allemaal kan bereiken, is het gebruikelijk om conflicten over concurrentie te zien. Dit soort confrontaties leidt echter niet altijd tot agressie, aangezien primaten de neiging hebben om vooraf hun toevlucht te nemen tot vormen van waarschuwing en intimidatie.

Het conflict speelt een fundamentele rol in het gedrag van primaten. Dat komt omdat doordat primaten door conflicten en de oplossing ervan, hiërarchieën en allianties vormen. Het zijn noodzakelijke en natuurlijke interacties in hun socialisatie.

Mensen zijn veel talrijker en we hebben sociale middelen die ons helpen om een bijna totale afwezigheid van conflicten te hebben, dus we hebben de neiging om dit concept een veel negatievere lading te geven en het toe te passen op andere soorten.

Fysieke agressie treedt op wanneer sociale regels onder primaten herhaaldelijk worden overtreden en niet afnemen door de waarschuwingen van de andere leden van de groep. Enkele van de waarschuwingsgedragingen die alle soorten primaten gemeen hebben, zijn vocalisaties, hun tanden laten zien, aan takken schudden of duwen.

Conflicten en aanvallen worden echter vaak gevolgd door verzoenend gedrag, zoals knuffelen of verzorgen. Op deze manier kunnen verschillen tussen individuen rustig worden opgelost zonder de eenheid van de groep te verbreken.

Gebruik van hulpmiddelen door primaten

Er zijn veel tekenen van het bestaan van geavanceerde intelligentie bij primaten. Denk hierbij aan de encefalisatiequotiënt, cultuur, langdurige kindertijd en natuurlijk het gebruik van hulpmiddelen (Engelse link). Primaten gebruiken niet alleen hulpmiddelen om het zichzelf gemakkelijker te maken, ze maken deze zelfs.

Chimpansees, voordat ze een takje in de termietenheuvels plaatsen om deze insecten te verwijderen, bereiden het voor door de bladeren, schors en stukjes te verwijderen die in de weg kunnen zitten.

Niet alleen ziet men “stok”-gedrag bij primaten. Gorilla’s (Gorilla gorilla) en orang-oetans (Pongo pigmaeus) gebruiken grote bladeren als paraplu’s als het regent. Andere soorten selecteren en gebruiken stenen om de schil van vruchten te openen (of als wapen).

De vervaardiging en het gebruik van hulpmiddelen vereist bepaalde cognitieve processen van probleemoplossing, creativiteit en leren. De strategieën overlappen elkaar soms. Deze zoogdieren beperken zich niet tot vallen en opstaan, maar reflecteren actief alvorens te handelen. Ze komen zelfs tot oplossingen door inzicht – het internaliseren van wat ze geleerd hebben.

Gedrag in gevangenschap

Onderzoek naar het gedrag van primaten begon met onderzoekers Jane Goodall, Dian Fossey en Biruté Galdikas. Deze drie vrouwen wijdden hun leven aan het documenteren van het gedrag van grote primaten in het wild. De meeste onderzoeken werden echter in gevangenschap uitgevoerd.

Over het algemeen is onder opsluitingsomstandigheden waargenomen dat hiërarchieën veel lakser zijn, naast een hogere incidentie van agressie en conflicten. Het concurreren voor hulpbronnen neemt aanzienlijk toe, zelfs als ze in voldoende hoeveelheden voor iedereen beschikbaar zijn.

Bovendien lijden primaten aan stress als ze gevangen zijn, omdat ze zich bewust zijn van hun opsluiting. Stereotypen, zelfbeschadiging en angst- en depressiestoornissen komen ook vaak voor bij deze levensomstandigheden. Vanwege de verlaging van de afweer door de stress, is er ook een hogere incidentie van parasieten en ziekten.

Apen knuffelen

Echt complexe dieren

Om je een idee te geven van hoe complex deze zoogdieren zijn, is enkele jaren geleden de rechtsfiguur van een niet-menselijk persoon in het leven geroepen. Vanwege hun intelligentie en emotionele eigenschappen die vergelijkbaar zijn met mensen, erkent dit hun recht op leven, vrijheid en niet om fysiek of psychisch te worden misbruikt.

Hoewel hun gedrag op het eerste gezicht niet erg op dat van ons lijkt, als je dieper graaft kun je zien dat er niet zoveel dingen zijn die ons scheiden. Enkele voorbeelden zijn gesproken taal en het ontwikkelingsniveau van de cultuur. Ze zijn waardevol als speciale levende wezens, en iedereen die tijd heeft besteed aan het bestuderen ervan, is het daarmee eens. Wellicht ook interessant voor jou

De aap die de koning aanviel
My AnimalsLees het op My Animals
De aap die de koning aanviel

De aap die de koning aanviel is een interessant verhaal, omdat het een grote invloed heeft gehad op de geschiedenis van Griekenland.



  • Piñeros, S. A. S. (2017). LAS PERSONAS NO HUMANAS COMO SUJETOS DE DERECHOS. Cuadernos de Derecho Público, (6), 33-46.
  • Fossey, D. (2000). Gorillas in the Mist. Houghton Mifflin Harcourt.
  • Montgomery, S. (2009). Walking with the Great Apes: Jane Goodall, Dian Fossey, Biruté Galdikas. Chelsea Green Publishing.
  • Westergaard, G. C., & Suomi, S. J. (1995). The production and use of digging tools by monkeys: A nonhuman primate model of a hominid subsistence activity. Journal of anthropological research51(1), 1-8.
  • Sussman, R. W., Garber, P. A., & Cheverud, J. M. (2005). Importance of cooperation and affiliation in the evolution of primate sociality. American journal of physical anthropology128(1), 84-97.