De hagedisslang: habitat en kenmerken

De hagedisslang is de meestvoorkomende slang op het Iberisch Schiereiland en een van de meest bejaagde vanwege zijn slechte reputatie. Als je ze beter wilt leren kennen, lees dan verder.
De hagedisslang: habitat en kenmerken

Laatste update: 23 september, 2021

De hagedisslang (Malpolon monspessulanus) is een reptiel dat behoort tot de Lamprophiidae-familie. Het is de grootste slang op het Iberisch schiereiland en hij heeft een wijde verspreiding. Hij komt ook voor in gebieden dicht bij menselijke nederzettingen.

De nabijheid van woningen en zijn slechte reputatie (omdat hij soms op gevogelte jaagt) maken dat deze slang vaak bejaagd en aangevallen wordt. Toch is het de meestvoorkomende landslang in Spanje en een van de weinige giftige – samen met de mutsslang (Macroprotodon cucullatus) op het schiereiland.

Habitat van de hagedisslang

Deze soort heeft een perimediterrane verspreiding, want hij komt voor op het hele Iberische schiereiland, in Noord-Afrika, in het zuidoosten van Frankrijk en in het noordwesten van Italië. Op het Iberisch schiereiland varieert de gemiddelde jaarlijkse neerslag van zijn leefgebieden van 170 tot 200 kubieke millimeter en liggen de gemiddelde jaartemperaturen tussen 10 ºC en 18,5 ºC.

De hagedisslang komt niet voor in gebieden met meer dan 90 dagen vorst per jaar. Dat geldt ook voor gebieden met gemiddelde temperaturen lager dan 22 ºC in juli. Hij geeft de voorkeur aan struikgewas met een middelmatige of lage bedekking en open plekken, en komt dus algemeen voor op bebouwde akkers, weiden en zelfs duinen.

Dit reptiel wordt ook meestal gezien in gebieden dicht bij menselijke nederzettingen, of het nu wegen, tuinen of muren zijn. Wat de hoogte betreft, komt hij voor tussen zeeniveau en 2.160 meter in de Sierra Nevada. Hoe noordelijker hun populaties zich bevinden, hoe lager de ecosystemen die ze bewonen.

Een hagedisslang

Kenmerken van de hagedisslang

De hagedisslang is de grootste van het Iberisch schiereiland en van Europa, want hij bereikt afmetingen van 2 meter lengte, hoewel soms exemplaren van 2,5 meter gevonden zijn. De vrouwtjes zijn kleiner en worden meestal niet langer dan 1,5 meter.

Een van de meest representatieve kenmerken van de hagedisslang is te vinden op zijn kop. Boven de ogen heeft hij opvallende preoculaire schubben die op wenkbrauwen lijken, wat deze slang een uniek uiterlijk geeft.

De staart is lang, dun en de kleur van volwassen mannetjes is gelijkmatig en varieert tussen lichtgrijs, olijfgroen en bruin. Het ventrale gebied is geelachtig. Bij juvenielen en vrouwtjes is het ontwerp gevarieerder in de kleuring, en ze kunnen zwart, wit, grijs en bruin zijn. Deze kleuring geeft ze een grotere camouflage.

Karakter en gedrag

Hagedisslangen zijn overdag actief en hebben een hoge lichaamstemperatuur. De periode van activiteit loopt meestal van maart tot november. Door de temperatuurstijging als gevolg van de klimaatverandering ziet men deze slangen tegenwoordig ook in andere maanden.

De piek van de dagelijkse activiteit is meestal van 4 uur ‘s middags tot 8 uur ‘s avonds. Deze slangen kunnen afstanden van ongeveer 42 meter per dag afleggen en de mannetjes zijn territoriaal.

Anderzijds zijn het rustige slangen die agressiever zijn in het broedseizoen of bij gevaar. Als ze zich in het nauw gedreven voelen, of als er een aanval dreigt, gaan ze omhoog bewegen. Ook stoten ze een luid gesis uit om hun belagers te intimideren. Deze slang bijt als hij gegrepen wordt en de verwonding die hij veroorzaakt is pijnlijk, door de inenting van gif.

Het gif van de hagedisslang

Het gebit van de hagedisslang wordt gekenmerkt door twee giftanden aan het eind van de kaak, die vastzitten aan de gifklieren. Om het gif in te enten moeten deze slangen hard op de prooi bijten en hem gevangen houden.

Het gif van deze soort is neurotoxisch en heeft gewoonlijk een versuffende werking, die zich uit in symptomen als een veranderd bewustzijn en spiertrekkingen, onder andere. De beet is meestal niet ernstig (behalve bijwerkingen), want hij heeft geen zeer giftig gif.

Hagedisslangenbeten bij mensen zijn zeer zeldzaam, want voor vergiftiging is het nodig dat de slang je grijpt en slikbewegingen maakt om het gif in te enten. De gevolgen van de beet zijn meestal plaatselijk en treden in de eerste 6 uur op.

Voedsel van de hagedisslang

Het zijn slangen die niet erg selectief zijn als het op het kiezen van hun prooi aankomt (binnen hun status als carnivoor). Dat zorgt ervoor dat ze een grote verscheidenheid aan slachtoffers hebben. De hagedisslang voedt zich hoofdzakelijk met reptielen, vogels en zoogdieren.

Deze slangen selecteren hun voedsel niet, ze consumeren gewoon wat toevallig in de buurt is. Reptielen zijn vaak hun voornaamste prooi, vooral de parelhagedis (Timon lepidus) en verschillende andere soorten hagedissen.

Vogels zijn de minst bejaagde groep, want hagedisslangen hebben de neiging eerder kuikens uit nesten te vangen dan volwassen vogels. De prooi verandert met de grootte van de exemplaren, want de pasgeborenen voeden zich hoofdzakelijk met insecten, en de grotere zijn in staat konijnen te vangen.

Voortplanting van de hagedisslang

Mannelijke hagedisslangen beginnen hun spermatogenese in de lente, zodat het broedseizoen begint tussen mei en juni. De mannetjes vechten vaak met elkaar en het is gebruikelijk ze opgerold in een bal te zien.

De geslachtsrijpheid treedt bij de mannetjes vroeger op dan bij de vrouwtjes. Bij de laatste wordt die meestal bereikt als ze 5 jaar oud zijn en met een lichaamsgrootte die groter is dan die van de mannetjes.

De leg varieert afhankelijk van de grootte van het vrouwtje en bedraagt meestal tussen 4 en 20 eieren. Deze worden afgezet op vochtige en zonnige plaatsen. Denk bijvoorbeeld aan verlaten holen, onder stenen, onder boomstammen, of tussen het strooisel. De eieren komen meestal eind augustus uit.

Staat van instandhouding

In de Rode lijst van Soorten beschouwt men de status van de hagedisslang als van “Minste Zorg.” Deze soort heeft echter nog steeds te kampen met verschillende gevaren. Een van de belangrijkste is overreden worden wanneer deze bijzondere slang op wegen zonnebaadt, naast de directe jacht door mensen.

Ook de versnippering van de habitat en de opeenhoping van pesticiden en insecticiden in weefsels en eieren hebben ernstige gevolgen op lange termijn voor deze soort. Omdat ze laat geslachtsrijp zijn, worden veel vrouwtjes bovendien nog geen 5 jaar, zodat het aantal reproductieve exemplaren de neiging heeft mettertijd af te nemen.

We mogen het belang van de hagedisslang in de ecosystemen niet vergeten. Het gaat dan zowel om zijn rol als natuurlijke bestrijder van ongedierte als in de voedselketens.

Deze slangen dienen tot voedsel voor veel verschillende soorten. Het behoud ervan is niet alleen een kwestie van ethiek, maar ook van onze verantwoordelijkheid tegenover het milieu dat ons omringt. Wellicht ook interessant voor jou

De brilcobra: habitat en kenmerken
My Animals
Lees het op My Animals
De brilcobra: habitat en kenmerken

De brilcobra is een giftig reptiel dat wordt gekenmerkt door een karakteristieke vlek op zijn rug die hem zijn naam geeft.