Wat is paardeninfluenza eigenlijk?

Paardeninfluenza is een zeer veelvoorkomende pathologie bij paarden, te vergelijken met griep bij mensen. Lees hier hoe je het kunt detecteren en voorkomen.
Wat is paardeninfluenza eigenlijk?

Laatste update: 08 september, 2021

De term paardeninfluenza (ook wel paardengriep genoemd) verwijst naar een zeer besmettelijke virusziekte van de bovenste luchtwegen bij paarden. De symptomen verschijnen in de vorm van hoesten, conjunctivitis, koorts en loopneus, maar leiden meestal niet tot de dood. Interessant is dat naar schatting alle paarden die niet zijn ingeënt of blootgesteld aan het virus, op een gegeven moment besmet zullen raken.

Hoewel het besmettingspercentage alarmerend is, is het sterftecijfer van deze infectie niet meer dan 4%. Met andere woorden, alleen veulens en paarden die voorafgaand aan infectie een slechte gezondheid hebben, lopen een reëel risico. Als je meer wilt weten over paardeninfluenza, lees dan verder.

Veroorzaakt een virus paardeninfluenza?

Paardengriep krijgt verschillende namen op veterinair niveau, waaronder zoals we eerder vermeldden, paardeninfluenza. Deze termen zullen je wellicht bekend voorkomen, aangezien ze ook van toepassing zijn in de menselijke geneeskunde. Het zal je niet verbazen dat deze ziekteverwekker tot de groep van Influenza A- virussen behoort, die ook ziektes veroorzaken bij mensen, vogels en andere zoogdieren.

Zoals aangegeven door het Sinobiologische portaal (Engelse link), gaat men ervan uit dat er 144 subtypes van het Influenza A-virus zouden kunnen zijn. Slechts twee daarvan lijken te zijn gespecialiseerd in het infecteren van paarden.

Tot nu toe zijn de stammen H7N7 (equine-1) en H3N8 (equine-2) gedetecteerd. Experts geloven dat H7N7 uit de natuurlijke omgeving zou kunnen zijn verdwenen, aangezien het al meer dan 20 jaar niet meer is voorgekomen.

De hoofdverdachte in alle gevallen van influenza bij paarden is dus momenteel het H3N8-subtype. Het is echter bekend dat deze ziekteverwekker volgens de BBC ook vogels, honden, katten en zelfs zeehonden kan infecteren.

Het H3N8-virus is de belangrijkste oorzaak van luchtwegaandoeningen bij alle paarden over de hele wereld.

Een paard dat niest

Kenmerken van het virus

Deze micro-organismen zijn heel eenvoudig, zoals alle virussen. De genetische informatie bestaat uit RNA-segmenten. Op hun beurt worden deze beschermd tegen de omgeving door een lipide dubbellaag, die de ziekteverwekker zijn vorm geeft. De verschillende griepvirussen zijn onderverdeeld in verschillende typen op basis van varianten van eiwitten in hun membraan.

Omdat virussen bijna alle kenmerken missen die nodig zijn om als cellen te worden beschouwd, worden ze zelden opgenomen in de groepen van levende wezens. Om zichzelf te repliceren, moeten ze de cel van hun gastheer infiltreren, de replicatieve machinerie ‘kapen’ en kopieën genereren. Wanneer de nieuwe virussen de extracellulaire omgeving binnenkomen, sterft de geïnfecteerde cel (lysis).

De eiwitten die zijn ingebed in de lipidedubbellaag die het RNA beschermt, zijn goed voor bijna 50% van de massa van het virus.

Symptomen van paardeninfluenza

Volgens de MSD Veterinary Manual (Engelse linkduurt de incubatietijd van 1 tot 3 dagen na infectie. Na dit korte interval treden meestal de volgende symptomen op:

  • Hoge koorts, tot 41° C.
  • Sereuze loopneus.
  • Een sterke, droge hoest.
  • Algemene zwakte en slechtere prestaties.
  • Moeite met ademhalen (kortademigheid).
  • Spierpijn en stijfheid van het bewegingsapparaat.

De meest voor de hand liggende klinische symptomen duren niet erg lang (ongeveer 2 of 3 dagen) bij paarden met een goed immuunsysteem. Dat komt doordat ze in staat zijn om de infectie snel aan te pakken en er vanaf te komen. Als het virus echter de wand van het respiratoire epitheel binnendringt, kan lokale vernietiging van sommige bronchiale structuren optreden. Hierdoor duurt het hoesten soms nog een paar weken.

Gezonde paarden herstellen volledig binnen een periode van maximaal 3 weken.

Mogelijke complicaties

Vanwege de schade veroorzaakt door virale expansie en replicatie, duurt het meestal ongeveer 21 dagen voordat het respiratoire epitheel volledig is genezen.

Tijdens deze fase zullen paarden vatbaar zijn voor besmetting met andere opportunistische pathogenen. Ook kunnen ze aandoeningen vertonen zoals longontsteking, pleuropneumonie en chronische bronchitis. Daarom is het het beste om het paard te laten rusten totdat het volledig is hersteld.

Hoe ontstaat besmetting?

Zoals het tijdschrift Frontiers of Microbiology (Engelse link) aangeeft, wordt deze aandoening overgedragen via druppeltjes. Die worden door het zieke dier verspreidt tijdens hoesten, niezen of hinniken. De effectiviteit van dit virus zit in de resistentie. Het kan zich via de lucht verspreiden over afstanden van 1 tot 2 kilometer.

Bovendien blijft het micro-organisme tot 3 dagen buiten de gastheer levensvatbaar. Borstels, stoelen, kleding voor zorgverleners, hooibergen, waterbakken en alle materialen van de faciliteit kunnen ziekteverwekkers bevatten. Als een gezond paard in direct contact komt met een van deze elementen, raakt het geïnfecteerd.

Diagnose van paardeninfluenza

Idealiter is het nodig om de dierenarts te bellen wanneer slechts één paard de genoemde symptomen vertoont. Hoe dan ook, door hoe snel ze het virus kunnen oplopen, is het vrijwel zeker dat de meeste dieren in de stal – of zelfs allemaal – tegelijkertijd ziek zullen worden. Wanneer dit gebeurt, kunt je er vrij zeker van zijn dat je te maken heeft met een uitbraak van paardeninfluenza.

De eerste stap is altijd het verkrijgen van monsters van het mond- en neusslijmvlies van het dier. Deze monsters brengt men naar het laboratorium. Met behulp van genetische informatieversterkingstechnieken zoals de beruchte PCR-test – kan het virusgenoom worden opgespoord. Antilichaamtesten in circulerend bloed zijn ook erg nuttig voor deze taak.

Behandeling en preventie

Paarden die geen ernstige symptomen ontwikkelen, hebben geen specifieke behandeling nodig, alleen ondersteunende zorg. In ieder geval is het ideaal dat elke zieke paard een week rust heeft voor elke dag koorts – in het algemeen drie weken.

Paarden met hoge koorts kunnen worden behandeld met niet-steroïde anti-inflammatoire geneesmiddelen (NSAID’s), altijd in de door een dierenarts aangegeven dosering.

Daarnaast kan het ook nodig zijn om het dier antibiotica voor te schrijven. Vooral als de koorts langer dan 4 dagen aanhoudt en de loopneus gepaard gaat met etterende afscheiding. Zo kun je secundaire infecties vermijden die het leven van de zieke paard in gevaar kunnen brengen.

Er zijn verschillende vaccins op de markt die paarden immuniteit geven tegen paardeninfluenza. Indien mogelijk zijn vaccinaties altijd de beste optie.

Een dierenarts die een paard analyseert.

Een veel voorkomende ziekte

Zoals we in het begin al zeiden, raken vrijwel alle niet-gevaccineerde paarden op enig moment in hun leven besmet met paardeninfluenza. Hoewel de aandoening erg irritant is, verdwijnt de pathologie meestal vanzelf binnen 2 of 3 weken en keert het paard terug naar zijn eerdere gezondheidstoestand. Het sterftecijfer is niet hoger dan 4% en het is dus niet een van de ernstigste ziekten.

Er moet echter speciale aandacht zijn voor de verzorging van immunosuppressieve paarden en veulens in de kudde. Deze zwakkere dieren kunnen veel ernstiger infectieuze aandoeningen ontwikkelen. Om de dieren te beschermen is de beste optie om elk paard te vaccineren. Wellicht ook interessant voor jou

Wat is rhinopneumonitis bij paarden eigenlijk precies?
My AnimalsLees het op My Animals
Wat is rhinopneumonitis bij paarden eigenlijk precies?

Paarden zijn erg vatbaar voor verschillende ziekten, sommige zo agressief en gevaarlijk als rhinopneumonitis. Lees er alles over in dit artikel.



  • New flu virus found in seals concerns scientists. Recogido a 11 de junio en https://www.bbc.com/news/science-environment-19055961
  • Influenza Hemagglutinin (HA) subtypes and Flu Virus Strains, SinoBiological (SB). Recogido a 11 de junio en https://www.sinobiological.com/research/virus/influenza-hemagglutinin-subtypes
  • Horse flu, MSD. Recogido a 11 de junio en https://www.msdvetmanual.com/respiratory-system/respiratory-diseases-of-horses/equine-influenza
  • Singh, R. K., Dhama, K., Karthik, K., Khandia, R., Munjal, A., Khurana, S. K., … & van der Kolk, J. H. (2018). A comprehensive review on equine influenza virus: etiology, epidemiology, pathobiology, advances in developing diagnostics, vaccines, and control strategies. Frontiers in microbiology, 9, 1941.
  • Timoney, P. J. (1996). Equine influenza. Comparative immunology, microbiology and infectious diseases, 19(3), 205-211.
  • Cullinane, A., & Newton, J. R. (2013). Equine influenza—a global perspective. Veterinary microbiology, 167(1-2), 205-214.
  • Cullinane, A., Elton, D., & Mumford, J. (2010). Equine influenza–surveillance and control. Influenza and other respiratory viruses, 4(6), 339-344.