De oudste kattenrassen: een reis terug in de tijd

25 september, 2018

Er bestaat genoeg bewijs dat de Oude Egyptenaren, en dan met name de Farao’s, katten als huisdieren hielden. Ze werden zelfs aanbeden. Katten kwamen toentertijd ook voor in vele andere gebieden, zoals in Europa en Azië. Lees verder om meer over de oudste kattenrassen te weten te komen!

Wat zijn de oudste kattenrassen?

Door wat onderzoek naar de geschiedenis van katten te doen, kun je veel interessante informatie vinden over de eerste bekende katten. Sommige sporen leiden ons niet naar Egypte, maar naar Thailand, Turkije, Myanmar, Japan en Noorwegen. Hieronder volgen een paar van de oudste kattenrassen.

De oudste kattenrassen: Egyptische mau

1. Egyptische mau (1400 v. Chr.)

Veel katten zijn door het Romeinse Rijk naar het hedendaagse Italië afgereisd. Vele eeuwen later zijn ze in zowel Noord- als Zuid-Amerika terecht gekomen. De Mau — wat letterlijk “kat” in Oud-Egyptisch betekent — was echter al te zien op hiërogliefen in Caïro. De mau heeft een vacht die goed herkenbaar is. Hij is licht bruin met donkere vlekken die in grootte en patronen kunnen variëren.

De voorpoten zijn korter dan de achterpoten en de voetjes zijn klein en delicaat. Verder heeft het hoofd van een mau een driehoekige vorm en loopt hun staart van dik naar dun af. Het is een zeer intelligent en onafhankelijk ras, maar kan ook bijzonder vriendelijk en liefdevol zijn. Omdat deze katten echter ook heel jaloers, territoriaal en bezitterig tegenover hun speelgoed en baasjes kunnen zijn, raadt men over het algemeen af deze katten rondom kinderen te houden.

2. Korat (1350 v. Chr.)

Deze katten staan ook wel bekend als de “gelukskatten” en komen oorspronkelijk uit Thailand. Hoewel dit een heel oud ras is, heeft het pas recentelijk zijn thuisland in Azië verlaten. De eerst vastgelegde korat verscheen in de veertiende eeuw, in het zogeheten Cat-Poems Book (“katten-poëzie boek”). Dit kattenras bestond echter al eeuwen van tevoren.

De korat is een natuurlijk en volbloed ras waar mensen verder geen invloed op uitoefenden. Deze katten hebben een compact en elegant lichaam, een zilverachtig blauwe vacht, grote, puntige oren, amandelvormige, blauwe ogen, een lange staart en een puntig hoofdje. Ze kunnen tot wel 16 jaar oud worden en tot 5 kilogram wegen. Vaak zijn ze zeer liefdevol richting volwassenen en vooral rondom kinderen.

De oudste kattenrassen: heilige Birmaan

3. Heilige Birmaan (500 v. Chr.)

De “heilige Birmaan” is ook één van de oudste kattenrassen. De oorsprong van dit ras en zijn uiterlijk zijn gebaseerd op een legende. Die gaat als volgt: eeuwen geleden bouwde het volk van Jemen een tempel voor een godin genaamd Tsun-Kyan-Kse. De priester bad vaak naast zijn kat, Sinh. Op een zekere nacht braken dieven in bij de tempel en vermoordden ze de priester.

De kat stond bij het lichaam van de priester en staarde naar het beeld van de bovengenoemde godin. Opeens werd het lichaam van de kat goud, zijn ogen blauw en zijn benen een rijke, bruine kleur. Alleen zijn pootjes bleven wit als symbool van puurheid.

De Birmaan is een uiterst vriendelijke, liefdevolle, speelse, trouwe, intelligente en kalme kat. Hij is bovendien niet graag alleen. Het uiterlijk van deze kat lijkt op een kruising tussen een Perzische langhaar en een siamees.

4. Turkse Van (oudheid)

Dit ras komt uit de bergachtige gebieden rond het Vanmeer in Turkije en is vrij onbekend in het buitenland. Ook al houden mensen dit ras al sinds de oudheid als huisdier, ze zijn pas kort geleden populair geworden. Dit komt omdat ze pas in de vijftiger jaren van de vorige eeuw naar het Verenigd Koninkrijk geëxporteerd zijn.

De meest prominente eigenschap van dit ras is zijn dikke, gelaagde vacht. Deze staat de Turkse Van toe om te overleven bij extreme temperaturen bij zo’n 1.600 meter boven de zeespiegel. Verder zijn zijn achterpoten langer dan zijn voorpoten, heeft hij een groot lichaam en kan het zo’n 3 jaar duren voordat hij seksueel volledig ontwikkeld is. Ook kan dit ras behoorlijk prikkelbaar, nieuwsgierig, actief en speels zijn. Ze hebben overigens geen enkel probleem met water. Ze zullen een plasje naast de weg of een stroompje dus niet zomaar uit de weg gaan.

5. Europees korthaar (oudheid)

Ondanks zijn naam kent dit ras zijn oorsprong in Noord-Afrika! Ze werden echter door de Romeinen in de oudheid al naar Europa gebracht. Men gelooft dat de moeraskatten de voorvaderen zijn van dit ras. De Europees korthaar blijkt namelijk genen van Aziatische, wilde katten te bezitten.

Deze kortharen hebben een stevig lichaam met een brede borst, middelgrote oren, een korte snuit en een dikke staart. Ze worden zelden ziek en staan ook bekend om hun vacht, welke kort is en licht, gestreept of driekleurig kan zijn.

Nog een aantal van de oudste kattenrassen zijn de Noorse boskat (oudheid), de Japanse stompstaartkat (11e eeuw), de Siamees (14e eeuw), de chartreux (14e eeuw) en de Turkse angora (15e eeuw).